Nieuwkomers in de kerk

Dit artikel van Esther van Schie verscheen eerder in het tijdschrijft Dienst van januari 2026

Nieuwkomers in de kerk

Het gonst: ‘Er komen weer mensen bij in de kerk.’ ‘Onder jongeren ontstaat weer belangstelling voor het christelijk geloof.’ Het voelt als een sprankje van hoop in een steeds meer seculier Nederland.

Maar is het echt zo? Ik zie het nog niet. Dat wil zeggen, niet op heel grote schaal. Ik zie wel de enkeling, de nieuwsgierige tiener die onze kerk binnenstapt. En uit het voorgangersoverleg in onze stad blijken meerdere kerken zulke eenlingen te hebben.

De vraag dient zich aan: zijn zij de eerstelingen? Voorboden van een grote golf van jongeren die terugkeren? Ik weet het niet, maar ik hoop het. En misschien dacht ik, misschien is het ook wel zo dat God zijn lichaam, de gemeente op de proef stelt. Zoals in Mattheus 25:23: Over weinig ben je trouw geweest, over veel zal ik je stellen.

In ieder geval worden deze individuele jongeren ons gegeven. Om trouw te zijn. Om hen te helpen God te vinden. Wat is daar belangrijk bij?

Ik heb niet veel ervaring met Nederlandse tieners die tot geloof komen. Maar ik heb wel een andere beweging van de Geest mogen zien. In de afgelopen jaren heb ik heel wat mensen christen zien worden vanuit een islamitische, boeddhistische of atheïstische achtergrond. Toetreders in de gemeenschap van onze kerk.

Het waren mensen van allerlei verschillende leeftijden. De grootste gemene deler: het waren mensen met migratieachtergrond. In dit artikel wil ik vanuit mijn ervaring met deze doelgroep een aantal handvaten geven aan kerken die nadenken over hoe ze beschikbaar kunnen zijn om jonge nieuwkomers op te vangen.

Hoe word je zo’n kerk waar mensen spontaan binnenlopen?

Ik zal niet snel de Birmese man vergeten die pas onze kerk binnenstapte. Hij stond een beetje te drentelen en zei toen: ‘Ik ben nog nooit in een kerk geweest, mag ik binnenkomen? Mijn vriend zei dat er hier een kerk was en toen heb ik gegoogeld hoe laat jullie begonnen. Ik wil graag het christendom verkennen, want ik heb astrologische nummers gezien die mij zeggen een nieuw pad in te slaan.’ ‘Ja, we gaan zo beginnen’, zei het meisje bij de deur. ‘Pak even koffie, daar in dat hoekje zitten een paar mensen die jouw taal spreken, dat is misschien gezellig voor je.’

Als ik hierover nadenk, vraag ik me af: wat deden we er nou eigenlijk voor? Het antwoord heeft twee kanten. Aan de ene kant: helemaal niets. We hadden geen wervingscampagne, ons gebouw is van buiten niet herkenbaar als kerk en we kenden deze man helemaal niet. En invloed op astrologische nummers die hem zeiden een nieuw pad in te slaan, hadden we ook al niet. Sterker nog, nog nooit van gehoord.

Dat mag geruststellen. Als God iemand tot zich trekt dan gaat Hij daar in zijn liefde, almacht en wijsheid zijn weg mee. En worden ook onvindbare kerken gevonden. Daarom is het misschien wel het belangrijkste om volhardend te bidden dat God de mensen brengt en vervolgens ontspannen bereid zijn om te ontvangen wie komt.

Dat gezegd hebbende, zijn er ook in bovenstaande casus wel een paar dingen aan te wijzen die maakten dat hij onze kerk binnenstapte en bleef.

  • Het is natuurlijk wel efficiënt als het niet helemaal spoorzoekertje hoeft te zijn als iemand die geraakt is door een godservaring een kerk zoekt. Twee vrienden hadden tegen deze Birmese man gezegd dat de kerk bestond en dat hij daar maar eens naar toe moest. Deze vrienden waren zelf geen christen, maar ze kwamen wel af en toe in de kerk. En kennelijk vonden ze het aanbevelingswaardig genoeg om het tegen hun vriend te zeggen. Dat is dus een goede vraag om te stellen: Zou een toevallige bezoeker van je kerk, die geen christen is, zich welkom voelen en zou hij de dienst relevant genoeg vinden om hem aan te bevelen bij zijn vrienden?
  • De Birmese man had de begintijd van de kerk gegoogeld. Kennelijk was de kerk online wel te vinden en was de website dusdanig dat hij niet meteen afhaakte. Hieruit ontstaat een tweede vraag voor kerken, zeker als ze de jonge generatie zoekers, die vooral online leven, willen bereiken. Hoe ziet jullie website eruit? Is ze überhaupt vindbaar? Is ze relevant voor mensen onder de dertig en bij benadering enthousiasmerend?
  • Eenmaal bij de kerk aangekomen sprak onze Birmees een jonge vrouw aan die bij de deur stond, zijn verhaal aanhoorde en hem naar de koffie loodste. Een eerste indruk kan je maar 1 keer maken: voelen mensen zich welkom of niet? Het hoeft geen hogere wiskunde te zijn. Er hoeft niet per se een welkomstpakket uitgedeeld te worden. Maar gewoon de hartelijkheid van mens tot mens. ‘Leuk dat je er bent!’
  • De vrouw wees hem een plekje aan waar mensen zaten die zijn taal spraken. ‘Misschien vind je dat fijn’. In zijn geval was dat zeker fijn, omdat die mensen ook een groot deel van de dienst in het Birmees konden vertalen.

Dit is dat ook relevant als je je kerk voor Nederlandse jongeren open wil stellen. Zitten er ook andere jongeren in de kerk? En zijn die zo gastvrij dat ze hun kerkdienst willen ‘vertalen’ voor die nieuwe tiener die geen idee heeft waar het over gaat? Sommige kerken zijn hun eigen jongeren kwijtgeraakt, dan is het moeilijker om jongeren van buiten te bereiken. Als dat het geval is, kan je jezelf de vraag stellen: waarom zijn onze jongeren er niet meer? Wat houdt hen tegen om te komen? Als je het antwoord daarop weet, weet je misschien ook waar je aan moet werken om een open kerk te zijn voor nieuwe tienertoetreders.

Hoe help je mensen die geïnteresseerd zijn verder?

Van alleen in de kerk zitten, gaan de meeste mensen waarschijnlijk niet geloven. Het kan wel. Ik herinner me een Nederlandse man, verslaafd en atheïst, die de kerk binnenstapte. Hij woonde een dienst bij en zei: ‘Ik voel hier iets, zoveel vrede, ik word er helemaal warm van. Dit ga ik geloven.’ Hij voegde de daad bij het woord.

Meestal is er meer nodig om duurzaam volgeling van Jezus te worden. God raakt harten aan, ook vandaag, maar geeft het vervolgens in de handen van zijn gemeente om de mensen verder te helpen.

Daarom tot slot een paar tips. Misschien spreken ze vanzelf, maar ook dan is het goed er bewust over na te denken.

  1. Vertellen. Mensen die weinig kennis hebben willen ook gewoon informatie. Een Chinese vrouw die christen wilde worden bracht de mythe mee dat bij de schepping van de aarde een vrouw en een schildpad een grote rol hadden gespeeld. Van God als schepper van de aarde had zij nog nooit gehoord. Het is goed om de kernbegrippen van het geloof, de grote lijn van de bijbel en de samenhang van het evangelie duidelijk uit te leggen. Mensen hebben het nodig te weten waarin ze geloven. Maak daarom gerust een plan voor educatie: basisbegrippen uit het christelijk geloof, dooponderwijs, groeien in geloof.
  2. Ingaan op vragen. Vaak gaan mensen zoeken omdat er iets in hun leven verandert. Misschien is er lijden, misschien schokkende gebeurtenissen. Veel mensen lopen rond met daaraan gerelateerde vragen. Het is belangrijk daarop in te gaan en samen te zoeken naar antwoorden vanuit het geloof, dat tenslotte relevant is voor heel ons bestaan.
  3. De taal spreken. Als er migranten je kerk binnenstappen weet je dat je rekening moet houden met een mogelijk taalprobleem. Maar besef ook dat er een enorme taal- en cultuurkloof kan zijn tussen generaties. Dus als nu juist jongeren bij ons binnenstappen, hun taal verengelsd, hun cultuur vertiktokiseerd, een generatie die sociaal akward is en tot op het bot onzeker: wees daar dan van bewust. Besef dat de boomer-kerk-en-liedcultuur hen waarschijnlijk niet in hun harten zal raken, simpelweg omdat ze het niet begrijpen. Wat kan je als kerk doen om hun taal te begrijpen en te spreken?
  4. Gemeenschap bieden. Geloof is niet voor een uurtje op zondagmorgen. Het is relevant voor heel je leven. Veel jongeren zijn ten diepste eenzaam. Vinden ze in jouw kerkgemeenschap een warme plek? Een plek waar ze welkom zijn, mogen zijn wie ze zijn, waar ze serieus genomen worden en waar als in een familie ook duidelijk richting gegeven wordt?
  5. Een mens is meer dan een ziel. Veel migranten die bij ons binnenstappen hebben niet alleen een nood op geestelijk gebied, maar ook op sociaal, materieel en soms psychisch gebied. Het koninkrijk van God is ook de plek waarin mensen naar heling mogen zoeken en waarin aan gerechtigheid gewerkt moet worden. Wees bereid om die tweede mijl te gaan, wat dat dan ook voor de nieuwkomers in jouw gemeente mag betekenen
  6. Schakel nieuwkomers in. Geef ze een taak die bij ze past en laat ze meebouwen. Dat is voor hen belangrijk en ook voor de gemeenschap. Iedereen is nodig en iedereen kan iets bijdragen. Leer hen te geven van wat ze ontvangen hebben.

Tenslotte: wees bereid om te veranderen. Als God jullie gemeenschap zegent met nieuwe mensen die aankloppen en tot geloof komen is de gemeenschap niet meer de oude gemeenschap. Niet dat dat altijd eenvoudig is, maar ga er open in. Wees bereid om samen met de nieuwkomers te zoeken naar hoe je met oog op de toekomst kerk kan zijn.

Er valt uiteraard nog veel meer te zeggen hierover. Als je je in de materie wilt verdiepen, kan je in het boek Samen met alle heiligen. Lessen uit de praktijk van intercultureel kerk-zijn meer en uitgebreidere reflectie vinden.

Hoe help je mensen die geinteresseerd zijn verder?

Wat betekent de aanwezigheid van nieuwe gelovigen voor je gemeente?

Meer blogs lezen?
Meld je hier aan voor de maandelijkse blogpost.

Verder lezen